Hoe werkt de lokale politiek
Gemeenteraad en college van burgemeester en wethouders
Het bestuur van de gemeente wordt gevormd door de gemeenteraad (gekozen volksvertegenwoordiging) en het college van burgemeester en wethouders. De wethouders worden door de raad benoemd maar zijn geen lid van de gemeenteraad. Zowel gemeenteraad als college hebben binnen de gemeente hun eigen verantwoordelijkheden en bevoegdheden (dualisme).
Rollen van raad en college
De gemeenteraad heeft een kaderstellende, een volksvertegenwoordigende en een controlerende rol. Het college vormt het dagelijks bestuur van de gemeente en is belast met uitwerking en uitvoering van beleid, waarvoor door de raad de kaders zijn gesteld. Met andere woorden: de raad schetst de hoofdlijnen voor het beleid (kaderstellen), mede op grond van wat er leeft onder de bevolking (volksvertegenwoordigen). Het college vertaalt dit vervolgens in concreet beleid en uitvoering. Na afloop beoordeelt de raad of het college er goed in geslaagd is de uitvoering binnen de gestelde kaders vorm te geven (controleren).
Bevoegdheden van de gemeenteraad
Wettelijk zijn een aantal bevoegdheden voor de raad vastgelegd die het de raad mogelijk maken zijn kaderstellende, volksvertegenwoordigende en controlerende rol adequaat te vervullen. Zo heeft de gemeenteraad het recht van initiatief (om zelf beleid voor te bereiden), recht van amendement (om voorstellen van het college te wijzigen), het recht vragen aan het college te stellen en het recht om onderzoek te doen, bijvoorbeeld om de doelmatigheid van het collegebeleid te controleren. Daarnaast kan ieder raadslid een beroep doen op ondersteuning voor bijvoorbeeld het opstellen van een initiatiefvoorstel. De raad wordt terzijde gestaan door de griffie(r), die zorg dragen voor een goede gang van zaken rond alles wat de raad aangaat. De griffie(r) fungeert daarbij als spil tussen de raad enerzijds en het college met het ambtenarenapparaat anderzijds.
Wethouders
De gemeenteraad benoemt de wethouders. De wethouders, die geen deel uitmaken van de gemeenteraad maar samen met de burgemeester het dagelijks bestuur van de gemeente vormen, zijn ieder verantwoordelijk voor een deel van het gemeentelijk beleid. Omdat wethouders geen lid zijn van de gemeenteraad is het niet nodig dat een wethouder eerst in de gemeenteraad wordt gekozen. Net als een minister niet uit de Tweede Kamer hoeft te komen, kan iemand ook tot wethouder worden benoemd zonder eerst raadslid te worden.
De centrale rol van de burgemeester
Binnen het gemeentebestuur vervult de burgemeester een centrale rol. Aan de ene kant is hij voorzitter van het college. In die hoedanigheid treedt hij op als beleidscoördinator, is hij verantwoordelijk voor de eenheid in het collegebeleid en ziet hij toe op een tijdige voorbereiding, vaststelling en uitvoering van het beleid en de genomen besluiten. Daarnaast is de burgemeester voorzitter van de gemeenteraad en bewaakt hij de kwaliteit in de verhouding tussen bestuur en burgers. Daarover legt hij in een burgerjaarverslag jaarlijks verantwoording af aan de gemeenteraad, waarmee dit burgerjaarverslag ook bijdraagt aan de controlerende rol van de raad. Verder is de burgemeester de spil bij samenwerking met andere gemeenten en andere overheden.
