Welke maatregelen worden gesubsidieerd dan wel gestimuleerd voor inwoners uit de Vlagheidegemeenten?


Duurzame energie

Groene en duurzame energie
De meeste mensen halen hun energie uit fossiele brandstoffen, de ‘vuile’ energie: aardolie, aardgas, steenkool en bruinkool. De voorraad van deze brandstoffen is uitputtend, er komt een keer een einde aan. Bij de verbranding van deze stoffen komt CO2 (kooldioxide) vrij, wat bijdraagt aan het broeikaseffect. Bovendien komen er vervuilende stoffen vrij die de luchtkwaliteit verslechteren.
Groene stroom is elektriciteit die wordt gewonnen uit duurzame energiebronnen. Duurzame Energie is niet uitputtend en kan dus altijd gebruikt worden. Bovendien is het veel minder schadelijk voor het milieu omdat het geen CO2  en andere vervuilende stoffen worden uitgestoten.
De bronnen waar duurzame energie uit gewekt kan worden, zijn biomassa wind, water en zon. Bij de verbranding van biomassa komt ook CO2 vrij, maar doordat die in een korte kringloop vrij komt, draagt het verbranden van biomassa niet bij aan het broeikaseffect. De windenergie is u vast al bekend, van de vele windmolens die in Nederland staan. Waterkracht wordt gebruikt in waterturbines. De zon levert een grote energievoorraad en is nog gratis ook. Zonne-energie wordt opgewekt met zonnepanelen (PV-panelen) die de zonne-energie omzetten in stroom.
Elektriciteit die op een duurzame manier opgewekt wordt, mag worden in Nederland en België verkocht onder de naam Groene Stroom.  
In principe zijn duurzame energievoorzieningen een goede investering, maar dan moet men eerst beginnen met het verminderen van het besparen van energie in gebouwen, door

Energieneutrale gebouwen
Uit het Vlagheidefonds worden bijdragen verstrekt voor energieneutrale en energiezuinige woningen en gebouwen tot 1000 m3 inhoud. Hoe bereik je een EPC gelijk of lager aan de helft van de geldende norm? Heel simpel, door het gebouw zo goed te isoleren, dat je het beetje energie dat je op jaarbasis nodig hebt zelf kunt opwekken. Dergelijke woningen worden ook wel passieve woningen genoemd:   Een passiefhuis is een zo energiezuinig mogelijke woning. Het verbruik is minder dan 15 kWh/m² bruto per jaar voor ruimteverwarming. Dit wordt bereikt door het verminderen van het warmteverlies en het maximaliseren van de warmtewinst. Het verbruik van woningen gebouwd in1960 is ongeveer 200 kWh/m² bruto per jaar. Door betere isolatie is het energieverbruik bij nieuwbouw al teruggebracht tot 100 kWh/m² bruto per jaar. Bij een energiearme woning wordt 75 kWh/m² bruto per jaar bereikt. De meest energiezuinige vorm is een 'energie plus' woning. Hiermee wordt bij bewoning meer energie opgewekt dan verbruikt. Een voorbeeld is hier te vinden op www.onspassiefhuis.nl.
De bouwkosten voor een passiefhuis zijn tussen de 10% en 25% hoger dan op grond van de gelden energieprestatienorm (EPN). Het Vlagheidefonds draagt hier onder voorwaarden aan bij.
Meer informatie over hoe je energieneutraal kunt bouwen vindt je hier:
www.agentschapnl.nl/content/infoblad-energieneutraal-bouwen-hoe-doe-je-dat.

Zonne-energie
Zonnestralen kunnen omgezet worden in elektriciteit, door middel van fotovoltaïsche zonnecellen, en in warmte, met een zonneboiler. Wanneer men dan meer stroom opwekt dan wordt dan verbruikt (in de zomer bijvoorbeeld), kan men die stroom terugleveren aan het net. De meeste elektriciteitsleveranciers laten het toe dat kleinverbruikers (aansluitingen afgezekerd tot 3 x 80 A) maximaal 5000 kilowattuur (kWH) per jaar salderen. Dat wil zeggen dat elke kWh die opwekt het bedrag oplevert dat je betaalt voor elk kWh (voor particulieren in 2012 zo’n 22 cent/kWh).

Fotovoltaïsche zonnecellen
Zonnepanelen vangen zonne-energie op en zetten dit om in elektriciteit. Het zijn geluidloze energiebronnen die geen CO2 produceren.
Een zonnepaneel is meestal gemaakt van silicium. Door de zonnestralen krijgen deze deeltjes extra energie waardoor ze zich los maken van het atoom. Hierdoor ontstaan onrustige elektronen. Een ingebouwd onderdeel voorkomt dat de elektronen samenvallen en de geopende gaatjes weer dichtten. Door contacten aan de voor- en achterkant, begint de zonnestroom te lopen.
Zonnepanelen hebben geen onderhoud nodig en gaan ongeveer 40 jaar mee. De fabrikanten geven doorgaans gedurende de eerste 10 jaar een opbrengstgarantie van 90% van het opgeven vermogen en gedurende de eerste 25 jaar een opbrengstgarantie van 80%. Het rendement en de kwaliteit van de panelen naar soort (mono- of polykristallijn) of land van herkomst ontloopt elkaar niet zo veel. De omvormers (inverters) die de laagspanning van de zonnepanelen omzetten in netspanning hebben een kortere levensduur. Het is daarom van belang om hierbij van de leverancier garanties te verlangen. De stroom die met de panelen opgewekt wordt verbruik je eerst zelf, maar de stroom die over is wordt teruggeleverd aan het energiebedrijf. Zonnepanelen zijn een goed middel om bij nieuwbouw de EPC (energieprestatie coëfficiënt) te verlagen om daarmee in aanmerking te komen voor de premie van maximaal € 10.000,-, die is opgenomen in de regeling Vlagheidefonds.
Bij het installeren van PV-cellen dient rekening gehouden te worden met de locatie. Een PV-cel heeft rechtstreeks zonlicht nodig; schaduw blokkeert de werking. Het plaatsen van PV-cellen wordt aantrekkelijker wanneer op andere aspecten wordt bespaard. Het voordeel is dat PV-cellen niet aan onderhoud onderhevig zijn, behalve een periodieke controle op vervuiling.
Voor het installeren van PV-cellen is bijna nooit een vergunning nodig. Dit dient wel eerst gecontroleerd te worden bij de gemeente.
Er bestaan systemen voor schuine daken en platte daken. Leveranciers hiervoor en meer informatie vindt u onder andere op de volgende websites:

 


Zonneboiler
Water verwarmen met een zonneboiler voorkomt veel CO2-uitstoot. Een huishouden stookt bijna de helft minder aardgas voor waterverwarming, wanneer zij een zonneboiler geïnstalleerd hebben. De geschiktheid van een zonneboiler in bepaalde huishoudens is afhankelijk van de gezinssamenstelling, het warmwater verbruik, de geschiktheid van het dak en de beschikbare ruimte voor het voorraadvat. Een bouwvergunning is bijna nooit nodig, maar het is verstandig dit eerst te controleren bij de gemeente.
Een zonneboiler bestaat uit een collector, voorraadvat, pomp, temperatuursensoren en een naverwarmer. De zonnecollector vangt het zonlicht op en verwarmt een vloeistof (meestal water met antivries) in het voorraadvat. Dit water gaat met een aparte leiding van de collector naar de boiler. Doordat de leiding door het vat loopt, geeft het zijn warmte af aan het kraanwater wat daarin zit.
Een hoge rendementsketel met Gaskeur bespaart overigens meer dan de zonneboiler. Hebt u een HR-ketel, dan is het minder rendabel om een zonneboiler te installeren.

 


Warmte-koude opslag

Het idee van warmte-koude opslag is dat de bodem functioneert als ware het een thermosfles.
In de winter wordt koude opgeslagen in een watervoerende laag in de bodem (al dan niet direct via het grond water of indirect via een medium zoals glycol). In de zomer wordt daar warmte opgeslagen. De kou van de winter wordt in de zomer gebruikt om te koelen, de warmte van de zomer wordt in de winter gebruikt voor verwarming. Dit gebeurt met een warmtepomp die energie onttrekt aan het water, waardoor er een hogere watertemperatuur ontstaat. Energie-overschotten worden in de bodem opgeslagen, die voor het volgende seizoen weer gebruikt kunnen worden. De totale besparing op de energierekening kan oplopen tot tachtig procent.
Als men warmte-koude opslag combineert met een energiedak vergroot men het rendement van een zowel de warmtepomp als de PV-panelen. Het dak werkt dan als een zonnecollector waarop zonnepanelen geplakt zijn. Door het water dat door de collector stroomt worden de PV-panelen gekoeld en neemt het rendement toe. Hierdoor wordt het water in de collector verwarmd en dit wordt vervolgens opgeslagen in de bodem, waardoor er in de winter meer warmte beschikbaar is.

 


Windenergie
Windenergie wordt gewonnen door de bewegingsenergie van lucht (wind) om te zetten in elektriciteit. De werking is te vergelijken met die van een fietsdynamo. De rotorbladen worden in beweging gezet door de wind. Deze bladen zitten vast aan een as die de beweging versnelt. De generator die aan de as vastzit, wekt uiteindelijk de elektriciteit op. Het systeem is aangesloten op een sensor die aanvoelt wat de windrichting is. Zodra de windrichting verandert, zorgt een kruimotor ervoor dat de rotoren weer in de goede richting staan.
Een windmolen gaat draaien vanaf windkracht 2 of 3, en bij windskracht 10 tot 12 wordt hij stopgezet om overbelasting te voorkomen. Het vermogen is ook afhankelijk van de plaats van een windmolen; aan zee waait het vaak harder dan landinwaarts. De hoogte speelt mee, op grote hoogte waait het harder dan dicht bij de grond. Het tijdstip van de dag heeft ook invloed; overdag waait het harder dan ’s nachts en dat is afhankelijk van het seizoen. In de herfst waait het vaker en harder dan in de zomer.
De rotor van de molen is ook een indicatie voor het vermogen wat de molen zal opleveren. Voor het plaatsen van windturbines is vaak een bouwvergunning nodig. De Wet mileubeheer is niet van toepassing op kleinschalige windmolens (tot 2 meter rotordiameter). Nadelen van windenergie zijn onder andere te vinden in de plaatsing; rekening gehouden moet worden met bovenstaande, maar ook met slagschaduw (bij laagstaande zon kan het draaien van de wieken een vervelende flikkering opleveren), geluidsoverlast en verstoring van de vogelpopulatie.

 


Wat kun je naast DE-voorzieningen doen om het milieu een warm hart toe te dragen?

 

  • Goed zijn voor het milieu kan natuurlijk ook op andere manieren dan het installeren van voorzieningen. Hieronder vindt u tips om het energieverbruik te verminderen en op die manier energie te besparen.
  • Bij kou in huis een warme trui dragen. De verwarming 1 graad hoger kost 7% extra aan energiekosten. De verwarming één graadje lager scheelt gemiddeld zo’n 50 euro per jaar. Draai de verwarming ’s nachts op 15 graden, of zet een timer erop zodat ook overdag de verwarming laag brandt. Door het aanbrengen van tochtstrips houd je de kou buiten. Een (over)gordijn voor de voordeur houdt de kou buiten en staat nog gezellig ook. Plaats radiatorfolie achter de verwarming bij koude muren. Deze investering laat zich binnen een jaar terugverdienen.
  • Gebruik maar 1 koelkast, en doe je boodschappen een paar keer per week op de fiets in plaats van 1 keer met de auto. Hierdoor raakt de koelkast minder vol, je bespaart een autorit en je komt lekker buiten. Door het element achter de koelkast af te stoffen, verbruikt deze veel minder energie. Ontdooi de diepvries zo nu en dan.
  • De meeste was wordt op 30 graden goed schoon. Drogen op een rekje in plaats van de droogmachine scheelt je 55 cent aan stroom per keer. Het condenswater van de droger kan prima gebruikt worden om bijvoorbeeld je planten water te geven. Het is kalkvrij. Strijk alleen het hoognodige (blouses en pantalons), de rest kun je vouwen. Neem een waterbesparende douchekop. Time het douchen en stel hier grenzen aan. Probeer zo kort mogelijk te douchen, dit scheelt water en de energie die nodig is om het water te verwarmen.
  • Wanneer je de computer niet gebruikt, zet hem in slaapstand of helemaal uit. Ook als je de TV uitzet, laat hem niet stand-by staan maar druk ook het rode knopje uit. Er bestaan slimme oplossingen voor computers met randapparatuur en televisies. Overweeg je een nieuwe computer te kopen? Neem dan een laptop. Je laadt hem een uur op en kan vervolgens (ruim) 3 uur op de batterij werken. Moet je printen? Bedenk eerst: is uitprinten echt nodig? Of kun je dit ook van je scherm lezen? Als het echt moet: kopieer of print zoveel mogelijk dubbelzijdig. Dit scheelt de helft. Zit je aan de computer? Schakel dan de radio, tv of andere media uit. En andersom, natuurlijk! In plaats van de hele avond tv kijken of computeren, kun je ook eens gezellig een spelletje doen.
  • Doe de lichten uit in ruimtes waar je niet bent. Gebruik tijdklokken, voor bijvoorbeeld de buitenverlichting, verwarming, binnenverlichting, elektrische dekens, oplaadapparaten. Gebruik nachtlampjes bij kinderen op de kamer en op de overloop in plaats van een grote lamp aan te laten. Gebruik spaarlampen in plaats van gloeilampen.
  • Haal opladers uit het stopcontact als je ze niet gebruikt.
  • Zijn je ruiten beslagen? Pak de krabber en krab het schoon. Verwarm je autoruiten niet door de motor al lang van te voren aan te zetten. Beter is nog de ramen af te dekken; je hoeft de motor dan niet te gebruiken om de ramen warm te blazen. Controleer de bandenspanning van je auto. Neem de fiets, in plaats van de auto. Als het echt slecht weer is, neem dan het openbaar vervoer. Mocht je werk onbereikbaar zijn met het OV, probeer dan te carpoolen.
  • Laat tijdens het tandenpoetsen de kraan niet lopen. Draai kranen goed dicht, druppelen kost veel water. Kleine vaat kun je met de hand afwassen, daar is geen vaatwasser voor nodig. Bovendien is samen afwassen nog gezellig ook.
  • Bij het koken van bijvoorbeeld rijst of groente, kan het water eerst in de waterkoker gekookt worden. Doe tijdens het koken het deksel op de pan, zodat de warmte in de pan blijft. Kook grotere porties in een keer en vries deze in. Dit scheelt een hoop!
  • Deel je spullen. Zijn de kinderen uit hun goede kleren gegroeid? Spelen ze niet meer met hun speelgoed? Geef het weg en hergebruik het. Anderen worden er blij van en zullen ook eens aan jou denken als ze wat over hebben. Tweedehands-winkels hebben ook vaak leuke en goede spullen, denk daar eens aan als je wat nieuws nodig hebt. Het scheelt energie om nieuwe spullen te maken.


Sceptisch?
Sommige mensen denken niet dat wij bijdragen aan de afbraak van de natuur. Hun reden daarvoor is, dat de menselijke uitstoot van CO2 veel minder is dan die uit natuurlijke bronnen. Sterker, de uitstoot van mensen maakt maar voor 4% deel uit van de totale CO2 uitstoot.
Schimmels en rottende dieren leveren ongeveer 220 gigaton (Gt) CO2. Neem daarbij de 220 Gt CO2 van ademuitstoot van alle levende wezens. Oceanen zijn goed voor een kleine 330 Gt per jaar. Gemiddeld stoten mensen 26,4 Gt CO2 uit; per huishouden in Nederland is dat zo’n 10460 kilo. Verbouwing van land en andere aandoeningen dragen hier nog ongeveer 5,9 Gt per jaar aan bij. Ongeveer 40% van deze menselijke CO2-uitstoot wordt geabsorbeerd door natuurlijke carbonvaten, zoals oceanen. De rest vindt zijn weg in de atmosfeer.
Een schijntje lijkt het, in vergelijking met wat de natuur zichzelf aandoet. Wat hierbij niet verteld wordt, is dat de natuur een eigen terugkoppelsysteem heeft. Doordat de planten, bloemen en bomen met hun fotosynthese CO2 opnemen, compenseren zij de grote CO2 uitstoot van andere delen van de natuur. Dit geldt ook voor de grote uitstoot van oceanen; het fytoplankton compenseert de CO2-uitstoot.
De grootste boosdoeners in de uitstoot van CO2 zijn het gebruik van kolen, gas en olie in fabrieken, auto’s, etc. Industriële productieprocessen leveren ook een grote hoeveelheid CO2. Ontbossing leidt tot verminderde carbonopname en verhoogde uitstoot door de middelen die gebruikt worden om de bomen te kappen. En dit wordt niet door de natuur gecompenseerd!

Forum
Wilt u met medestanders praten over het installeren van een duurzame-energievoorziening?
Op internet zijn meerdere fora te vinden, vooral de Organisatie voor Duurzame Energie heeft een duidelijk en overzichtelijk forum:

 

 

 

Postbus 10.000

5270 GA Sint-Michielsgestel

Meanderplein 1

5271 GC Sint-Michielsgestel

tel.: (073) 553 11 11

fax.: (073) 553 12 12

 

 Openingstijden

 Proclaimer

website van de gemeente Sint-Michielsgestel, Inhoud Website - Sitemap